Koriander

Koriander (Coriandrum sativum) is een plant uit de schermbloemenfamilie (Apiaceae). De plant wordt ook wel 'ketoembar', 'coander' of 'wantsenkruid' genoemd. Het is een specerij die in veel verschillende keukens wordt gebruikt. De specerij komt oorspronkelijk uit het Midden-Oosten en het Middellandse Zeegebied.

Koriander is een van de oudste keukenkruiden door de mens gebruikt, het stond reeds vermeld in de Bijbel (het is één van de bittere kruiden die gebruikt werden bij de rituelen van het Joodse paasfeest). Ook in de Egyptische piramides vinden we sporen terug, de Romeinen op hun beurt gebruiken koriander gemengd in azijn om hun vlees in te strijken dit om bederf te voorkomen. Onderzoeken tonen inderdaad aan dat de plant schimmelwerend en bacteriedodend is. Het plantje is uit het Midden Oosten door de Romeinen meegebracht naar onze streken.

Alle delen van de plant zijn eetbaar, echter de verse bladeren en de gedroogde zaden worden het meest gebruikt in de keuken. Er is een groot verschil in smaak tussen de zaden en het verse blad van de plant. In recepten staat meestal wel aangegeven welke van de twee moet worden gebruikt.
De bladeren hebben voor sommige mensen een lichte zeepsmaak, voor anderen lijkt de smaak op die van peterselie, maar met meer citroeninvloeden.

Bereiding - Het blad wordt gebruikt in stoofschotels, kipgerechten, salades en sauzen. Vooral in de Oosterse en Zuid-Amerikaanse keuken maakt men er gretig gebruik van. Je moet het blad steeds vers te gebruiken, want éénmaal gedroogd verliest het zijn aroma. Invriezen kan, maar ten koste van de mooie groene kleur. De zaden die men zelf kan oogsten maar die ook te koop zijn, hebben een licht pikant, anijsachtig aroma en worden het meest gebruikt. Denken we hierbij aan ingemaakte augurken op azijn, in wildpasteien, koekjes (o.a. speculooskoeken), zelf in kaas. Ook gemalen is koriander een belangrijk ingrediënt van de curiemengeling "garammasala", dat we zeker terugvinden in de Indische keuken.

Recepten