Groentewijzer
> selder
Selder
(Apium graveolens L.) laat zich smaken in een verkwikkende soep,
maar je kunt er ook vele andere bereidingen mee verbeteren. Om maar iets
te noemen: mosselen smachten naar selder als ze het warm krijgen.
Het is raadzaam om de selder niet te lang te bewaren, enkele dagen in
de groentela van de koelkast kan wel.
Vooraleer de selder verwerkt wordt, moet u deze eerst grondig spoelen.
Het onderste witte gedeelte met fijne worteltjes wordt afgesneden. De
blaadjes bovenaan kan u net zoals de stengels verwerken in soepen of andere
gerechten. Bleekselder kan door zijn zachtere smaak ook rauw gegeten worden,
bijvoorbeeld als hapje met een dipsaus of bij een kaasschotel. Selder
kan u koken, stoven of roerbakken.
Een klein stukje rauwe selder langzaam opkauwen voor het ontbijt verbetert
de
afscheiding van de verteringssappen (speeksel, maag- en darmsap) en dus
de spijsvertering.
Thuiscomposteerders kunnen selder (en walnootbladeren) ook gebruiken in
hun compostvat. De sterke geur zou fruitvliegjes afschrikken.
In heel wat Oudnederlandse geschriften wordt er veelvuldig naar deze groente
verwezen:
"Ick selder bygut soenen datter een poos heugen sel".
Kortom, een groente om lief te hebben.
Recepten
|