Mango

De botanische naam van de mangoboom, Mangifera Indica, geeft een aanduiding van de herkomst. Meer precies aan de voet van het Himalaya-gebergte (in het huidige India en Myanmar) zou deze boom circa 4000 v. C. ontstaan zijn en zich later hebben verspreid over het hele Indische subcontinent en Zuid-Oost-Azië. Maar niet voordat men de wilde mangoboom begon te cultiveren (circa 2000 v. C.) en de oorspronkelijke vrucht, met haar walgelijke terpentijnsmaak en vezelige textuur, plaatsmaakte voor de delicieuze mangovrucht zoals we die nu kennen.

Gezondheid - Zoals gezegd zijn mango's rijk aan digestieve enzymes. Ze bevatten ook erg veel vitamines, mineralen en anti-oxidanten. In de eerste plaats beta-caroteen, een stof die verantwoordelijk is voor de oranje-gele kleur en die door mens en/of dier wordt omgezet in vitamine A. Daarnaast bevat het aanzienlijke hoeveelheden kalium en magnesium.

Variëteiten - India is met ruime voorsprong de grootste producent en exporteur van mango's (50 % van de wereldhandel). Indiërs behoren ook tot de meest enthousiaste consumenten van de vrucht. Volgens sommige bronnen zouden Aziatische soorten superieur zijn ten opzichte van Mexicaanse soorten die in de VS verkrijgbaar zijn. Europa verwelkomt al langer Indische en Pakistaanse soorten.

Bewaring / rijping - Gewoon op kamertemperatuur op de vensterbank (niet in de zon!) rijpen en dat lukt. Je hoort vaak ook de tip om onrijp fruit als mango's, nectarines, avocado's in een zak te stoppen met een banaan. Na 2 dagen zou het fruit rijp zijn. Of na aankoop van de mango wikkel je de vrucht in krantenpapier. Plaats dan de ingepakte mango op een donkere plaats. Na een paar dagen is de mango rijp.

Recepten